Kledingcodes: verschillende werelden, verschillende wetten

Erica Pach  donderdag 28 oktober 2010

Kledingcodes kunnen behoorlijk strikt zijn, al zijn ze niet altijd even makkelijk te spotten. En met sterke verschillen, afhankelijk van branche, onderneming, rol en hiërarchie. Een schrijvende krullebol mag niet als een schooier naar de directeur, wel in een strak jasje. Ofwel - het is laveren geblazen met al die ongeschreven wetten. Be awear. 

Een pak als De Vijand
Dat gelaveer heeft de Brabantse Mark van Barschot, eigenaar van het maatschappelijk dienstverleningsbedrijf Alphomega, aan den lijve ondervonden. Als zelfstandige werkt hij in de zorg. Met en voor mensen aan de onderkant van de samenleving. ‘Ooit stapte ik strak in het pak binnen. Ineens was ik De Vijand! Het heeft me zeker twee maanden gekost om het verloren vertrouwen terug te winnen.’ Zo gevoelig kan het dus liggen.

Advocaat Eugene Wong gaat altijd keurig gekleed...
...toch lijkt er iets aan zijn outfit te ontbreken...
(Wong houdt wel van een grapje, blijkbaar.)

Kledingeffect op de omgeving
Van Barschot is zich sinds die heikele ervaring veel bewuster geworden van het effect dat kleding op een omgeving heeft. Nu past hij zich vaak per gelegenheid aan. ‘Moet ik zakelijk iets voor elkaar krijgen bij een bank, businesscenter of autodealer? Pak met das. Automatisch word ik beter behandeld. Echter - vraag de betreffende bankmedewerker of dat pak iets uitmaakt, dan zegt hij waarschijnlijk ‘nee!’. En gelooft nog in dat antwoord ook.’

Van fabrieksvloer naar de koningin
's Ochtends op de fabrieksvloer, 's middags bij de Koningin. Fotograaf Ruud Taal verkeert in de meest uiteenlopende situaties. Dat stelt ook eisen aan zijn garderobe.  “Mijn auto lijkt soms wel een rijdende garderobekast. Maar mijn modische kameleongedrag wordt door veel klanten zeer op prijs gesteld’, stelt Taal. En; ‘Het blijft dress to impress.’

Vrouw in de civiele techniek
Business consultant Jessica Otto kan daarop aansluiten. Otto werkt in de mannenwereld van de civiele techniek. Deze wereld bestaat uit verschillende bedrijfsculturen met dito kledingstijlen, die je dient te volgen wil je wat bereiken. ‘Mijn kleding pas ik telkens aan mijn dagindeling en geplande gesprekken. Projectendag? Bloes, broek, laarzen. Aan tafel bij adviesbureau of overheidsinstantie? In mijn ladylike zakenpak.’

Zo kan het ook: style je auto tot rijdende kledingkast. Altijd puik voor de dag! ;-)

Bouwwereld: pak zal en mot!
Van Barschots ervaringen bij (de leiding van) een groot bouwbedrijf zijn zowel opmerkelijk als grappig: “Je zal en moet een blauw of grijs pak met stropdas dragen, want al het andere is `slonzig'. Maar of het pak slecht zit, het bovenste knoopje los is, de punt van de stropdas 20 cm boven de broekriem hangt – allemaal geen probleem. Pak is pak. Maar een dure modieuze spijkerbroek? Nee, dat kan echt niet.’

Het recht op eigen stijl
Ook Vrouwe Justitia heeft haar specifieke kledingbeleid. Zo draagt een advocaat in het ondernemingsrecht altijd donkere, traditionele pakken. (Nooit bruin, die kleur wordt toegeschreven aan accountants.) Advocaten strafrecht zijn vrijer in hun kledingkeuze. Een goed voorbeeld is Bram Moskowicz met zijn flitsende dassen (of helemaal geen) en lichtere pakken. Burgeradvocaten gaan informeler gekleed. In deze beroepsgroep dus meerdere kledingcodes, maar wanneer het er op aan komt in de rechtszaal zijn allen weer gelijk: daar eist de Vrouwe zwarte toga en witte bef.

Mantelpakmania
Communicatiedeskundige Marina Turion - Kahlmann opereert binnen een academische omgeving. Zij merkt dat het in de wetenschap niet veel uitmaakt wat je draagt, totdat medewerkers met een hoogleraar te maken krijgen. Dan zie je de gemiddelde AIO (assistent in opleiding) ineens in pak of mantelpak voorbij schieten. En Turion-Kahlmann viel tijdens haar carrière nog iets op: ‘Op een werving- en selectiekantoor met alleen vrouwen is het mantelpakmania! Inclusief een manager die de opdracht geeft tot collectief lippenstiften bij het staan op een beurs.’

Je mag dan wel een creatief zijn...doseren svp.

Gekke gesprekken met creatief
In de ene branche móet een pak, in de andere mág bruin, in de volgende is een stropdas nót done. Sonja Wessels bevindt zich in weer een andere omgeving: die van uitgeverijen. Als agent voor striptekenaars is ze zelf geen ‘creatief’. Toch ervaart ze meer afstand bij klanten als ze zich zakelijk kleedt. “Ga ik op de informelere toer, dan gaan de mensen er vanuit dat ik zelf een creatief ben. De gesprekken verlopen soepeler en spontaner. Met creatieven mag je blijkbaar gekke gesprekken voeren.”

Driedagenbaard met net jasje
Copywriter Mattijs Diepraam hangt een beetje tussen de partijen in, als tekstschrijver die is gespecialiseerd in business-to-business-communicatie. Creatief in een zakelijke wereld. Diepraam licht toe; ‘Dus kan die krullenbol en die driedagenbaard wel? Ja, want je bent creatief, dus “die jongen kan vast goed schrijven” lijken ze te denken. Maar dan moet daar wel een strak jasje onder, want je stuurt geen schooier op de directeur af.’

Kledingcodes zijn veilig
Diepraam houdt ons ook een spiegel voor. ‘ Het blijft in onze  creatieve sector – van tekstschrijvers, stylisten, vormgevers, fotografen - een lastig spel. Wij  'mogen' er losser uitzien. Meestal permitteren we ons dat ook. Maar soms en door sommigen is het weer net iets te veel van het goede,’ De tekstschrijver zegt eigenlijk:  ‘kledingcodes zorgen voor veiligheid’. De marge is als een koorddans. ‘Be awear!’